3421. Luchtruimherziening

De minister van Infrastructuur en Waterstaat, de staatssecretaris van Defensie en een aantal andere partijen willen het Nederlandse luchtruim herzien. Dat doen ze om het gebruik en beheer van het luchtruim efficiënter te maken, de impact van vliegroutes op de omgeving en het klimaat te verminderen en de civiele en militaire capaciteit van het luchtruim te vergroten. Voordat in een Voorkeursbeslissing Luchtruimherziening de nieuwe indeling en het gebruik op hoofdlijnen wordt vastgelegd, zijn de milieueffecten onderzocht.

Procedure en adviezen

Reikwijdte en detailniveau
23-07-2019 Adviesaanvraag bij de Commissie m.e.r.
10-09-2019 Ter inzage legging van de informatie over het voornemen
29-10-2019 Advies reikwijdte en detailniveau uitgebracht
Advies reikwijdte en detailniveau
Persbericht
Toetsing
22-10-2020 Aanvraag toetsingsadvies bij de Commissie m.e.r.
14-01-2021 Kennisgeving MER
15-01-2021 Ter inzage legging MER
21-04-2021 Toetsingsadvies uitgebracht
Toetsingsadvies
Persbericht

Opmerkingen bij de advisering

Toetsingsadvies
Het milieueffectrapport laat goed zien dat de luchtruimherziening zorgt voor kortere vliegroutes waardoor de CO2-emissies afnemen, en voor milieuvriendelijker continu dalen van vliegtuigen. Het rapport beschrijft alleen de gemiddelde milieugevolgen van de luchtruimherziening. De regionale milieugevolgen zijn niet in beeld gebracht. Deze kunnen echter zo omvangrijk zijn dat nu gemaakte keuzes en uitgangspunten voor de herziening onwenselijk of mogelijk zelfs onhaalbaar zijn. Zo kan de extra route naar Schiphol voor nieuwe geluidgehinderden in de provincie Utrecht of Gelderland zorgen. Nog onduidelijk is in hoeverre het vliegverkeer woon-, stilte- en natuurgebieden kan mijden. Ook de gevolgen van geluidhinder van een groter militair oefengebied in Noord-Nederland, in combinatie met de vervanging van de F-16 door de F-35, zijn onvoldoende beschreven. Ten slotte laat het rapport niet zien wat de herziening betekent voor grote maatschappelijke opgaven, zoals de woningbouwopgave.
 
De Commissie adviseert het milieueffectrapport aan te vullen en daarna pas een Voorkeursbeslissing Luchtruimherziening te nemen.
 
Advies reikwijdte en detailniveau
De Commissie adviseert het rapport te focussen op onderzoek naar maatregelen waarmee de vliegroutes vanuit milieuoogpunt geoptimaliseerd kunnen worden. Voor geluidhinder gaat het dan bijvoorbeeld om het zo veel mogelijk mijden van stedelijke gebieden, en het voorkomen van relatief lage horizontale vluchten bij nadering van, en vertrek vanaf vliegvelden. De CO2-emissies kunnen beperkt worden door te kiezen voor de kortste routes vanaf en naar de grenzen van het Nederlandse luchtruim. Van belang is ook vliegroutes te onderzoeken die leiden tot minder luchtverontreiniging (stikstofdioxide en (ultra-) fijn stof) in vooral stedelijke gebieden, en tot minder stikstofdepositie en verstoring van vogels in natuurgebieden.

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

dhr. dr. G.J. van Blokland
dhr. prof. dr. ir. J.M. Hoekstra
dhr. dr. M.J.F. van Pelt
dhr. ing. R.L. Vogel
dhr. dr. F. Woudenberg

Voorzitter: dhr. ir. H.A.A.M. Webers
Werkgroepsecretaris: dhr. dr. G.P.J. Draaijers

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
Samenwerking ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, ministerie van Defensie, Luchtverkeersleiding Nederland, Maastricht Upper Area Control Center en het Commando Luchtstrijdkrachten

Bevoegd gezag
Ministerie van Defensie
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Overige gegevens

Gebied: Nederland, niet provinciaal ingedeeld gebied


Bijgewerkt op: 21 apr 2021